Binnen het Fieldlab Circulair Verdienen met Insecten in de Peel is de afgelopen periode een belangrijke stap gezet in het onderzoek naar nieuwe, duurzame substraten voor insectenkweek. Het grootschalige onderzoek op praktijkschaal richt zich op het benutten van regionale, laagwaardige reststromen die moeilijk te plaatsen zijn in bestaande verwerkingsroutes, maar die wél zijn toegestaan voor toepassing binnen de insectenkweek. Het doel is om inzicht te krijgen in de mogelijkheden van deze reststromen als onderdeel van substraatmengsels en om te verkennen welke kansen dit biedt voor de circulaire economie in de Peelregio.

Analyse van regionale reststromen
In de eerste fase van het onderzoek is een uitgebreide inventarisatie en analyse gemaakt van beschikbare reststromen in de regio. Deze reststromen variëren in herkomst, samenstelling en verwerkingsopties, maar hebben één ding gemeen: ze zijn op dit moment lastig te verwaarden in bestaande ketens. Door deze stromen te onderzoeken op hun potentiële bijdrage aan kweeksubstraten voor insecten, verkent het fieldlab een nieuwe route waarin waarde wordt gecreëerd uit materialen die anders weinig economische of ecologische bestemming hebben.
De analyse vormt daarmee een fundament voor verdere praktijkproeven. Het biedt inzicht in variatie in voedingswaarde, logistieke haalbaarheid, stabiliteit, houdbaarheid en mogelijkheden voor schaalbare toepassing.
Praktijktesten met substraatmengsels
Parallel aan deze analyse is een eerste reeks praktijktesten uitgevoerd waarin verschillende substraatmengsels zijn samengesteld. Deze mengsels bevatten onder meer een deel van de eerder geïdentificeerde regionale reststromen. Het doel van deze praktijktesten is tweeledig:
- Inzicht krijgen in de effecten van substraatsamenstelling op groei, ontwikkeling en kwaliteit van larven.
- Ervaring opdoen met het uitvoeren van grootschalige praktijkproeven in een operationele setting.
In de proefopzet is aandacht besteed aan praktische uitvoerbaarheid, arbeidsefficiëntie, veiligheid en werkbelasting voor medewerkers. Daarnaast wordt zorgvuldig gemonitord hoe substraatsamenstelling en verwerking invloed hebben op parameters zoals larvengroei, voederconversie, uniformiteit en kwaliteit. Ook observaties rond dierwelzijn worden meegenomen als onderdeel van een bredere praktijkbenadering van verantwoord insectenonderzoek.



Leren door doen: basis voor het innovatiecentrum
Het onderzoek is nadrukkelijk bedoeld als een eerste testfase. De opgedane kennis en ervaring leveren waardevolle input voor de verdere ontwikkeling van het concept-programma van eisen voor het beoogde praktijkinnovatiecentrum dat het fieldlab wil realiseren in de Peel. De proef helpt om scherp te krijgen:
- Welke infrastructuur onderzoeksruimtes nodig hebben
- Hoe praktisch valide substraatexperimenten kunnen worden ingericht
- Hoe arbeid, veiligheid en monitoring optimaal kunnen worden georganiseerd
- Welke faciliteiten cruciaal zijn voor het uitvoeren van meerjarige ketenexperimenten
Zo bereidt dit onderzoek de weg voor een centrum waarin praktijkonderzoek, ketensamenwerking en regionale reststroomverwaarding samenkomen.
Regionale samenwerking als sleutel
Een belangrijk kenmerk van dit onderzoek is het regionale karakter. Door reststromen uit de omgeving te analyseren en te testen, verbindt het fieldlab bedrijven, landbouwers, verwerkers en kennispartners in de Peelregio. Hiermee wordt zichtbaar hoe insectenkweek kan bijdragen aan nieuwe circulaire ketens én aan economische perspectieven voor partijen die nu met laagwaardige reststromen werken.
De komende maanden worden de resultaten van de praktijktesten verder geanalyseerd. De inzichten die hieruit voortkomen worden gebruikt om vervolgonderzoek vorm te geven en om het innovatiecentrum verder te ontwerpen.
